U bevindt zich op: Home Projecten en onderzoek Ebola

Ebola

De uitbraak van ebola in West Afrika beheerste in 2014 nationaal en internationaal het nieuws. De kans op introductie van het virus in Nederland was klein, maar kon niet worden uitgesloten. Dat leidde ook in Nederland tot veel media-aandacht en vragen van burgers en professionals. Onder regie van het RIVM-Centrum Infectieziektebestrijding (CIb) hebben veel partijen, zowel binnen als buiten de gezondheidszorg, zich voorbereid om indien nodig adequaat te kunnen handelen.

Voorbereiding ketenpartners

De voorbereiding met ketenpartners richtte zich op de twee mogelijke introductieroutes. De eerste is repatriëring van een blootgestelde, of inmiddels bevestigde ebolapatiënt, de tweede een ebolapatiënt die zich onaangekondigd meldt bij spoedeisende hulp, huisarts of ambulance. Het CIb berekende dat met de juiste interventie, het risico op verspreiding in Nederland zeer laag zou zijn. Voorbereiding op en langdurige behandeling van een ebolapatiënt heeft grote impact op een ziekenhuis. Daarom zijn hiervoor in overleg 3 academische ziekenhuizen  en het calamiteitenhospitaal geselecteerd.  In samenwerking met ECDC en andere EU-partners is een actuele casusdefinitie opgesteld.

Ebola infraphic pdf

Richtlijnen

Voor veel aspecten van de bestrijding waren nog geen richtlijnen. Deze zijn onder coördinatie van het CIb opgesteld. (link naar website richtlijn). Ook werden triagestandaarden opgesteld voor de spoedeisende hulp, huisarts, en ambulancepersoneel. Er is overlegd met Schiphol, het COA, politie en brandweer, maar ook met de uitvaartsector en afvalverwerkings- en schoonmaakbedrijven. Veel partijen hebben geoefend op mogelijke situaties. Dit betekende voor het CIb intensieve samenwerking met zeer diverse organisaties, ook met een aantal die normaal gesproken niet bij infectieziektebestrijding betrokken zijn.

Opschaling

De mogelijke ernst van ebola en lange duur van de uitbraak maakten multidisciplinaire coördinatie en opschaling noodzakelijk. Wekelijks werden actuele surveillanceoverzichten beschikbaar gesteld en werd het verwachte beloop van de epidemie berekend. De LCI-bereikbaarheidsdienst werd versterkt met extra personeel en de voortgang van de responsactiviteiten werden twee keer per week  doorgenomen.  Het Outbreak Management Team (OMT) is ook bijeen geweest. Tweemaal is een expertmeeting met de academische centra georganiseerd. De complexiteit en intensiteit van deze situatie was uitzonderlijk.

Mogelijke ebolapatiënten

Het CIb kreeg in 2014 61 meldingen van patiënten met koorts die mogelijk ebola hadden opgelopen, of  mogelijk contact met ebolapatiënten hadden gehad. Bij 4 mensen is diagnostiek uitgevoerd op basis van een reële verdenking. Twee blootgestelde gezondheidswerkers werden uit voorzorg naar Nederland gerepatrieerd. Er is uiteindelijk in 2014 in Nederland 1 ebolapatiënt verpleegd. Dit betrof een Nigeriaanse VN-militair die op verzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) is opgevangen. Deze patiënt is verpleegd in het calamiteitenhospitaal en van ebola hersteld. Er is geen verspreiding van het virus geweest.

Landelijk informatiepunt

De lange duur van de uitbraak en de media-aandacht voor patiënten in het buitenland leidden tot veel ongerustheid en vragen onder de Nederlandse bevolking. Om vragen van burgers te beantwoorden is op 20 oktober 2014 het landelijk informatiepunt ebola geopend. Dit nummer werd in totaal 836 keer gebeld en werd op 1 februari 2015 gesloten. 

naar boven

Service